Portugal in een notendop

Met tips voor de mooiste rondreis!

Eerste stop: Lissabon

De eerste keer dat ik in Portugal op reis ging is nu een jaar of 8 geleden. Het was een stedentrip naar Lissabon. Ik heb er 5 dagen stuiterend van plezier rondgelopen. Een Europese stad maar totaal anders dan alle steden waar ik al geweest was. Open, licht, kleurrijk, vriendelijk, prachtig, monumentaal maar ook heerlijk chaotisch en ‘onopgepoetst’. Hier en daar wat vergane glorie, ik hou er van. Ik heb eindeloos rondgezworven en geklauterd, ben om de haverklap verdwaald maar dat gaf niks. Als je wat hoger was dan had je zicht op de Taag en dan kon je de weg wel weer terugvinden. Ik vind de met azulejos betegelde panden prachtig, de smalle straatjes in Alfama, de barretjes in Barrio Alto, maar ook langs de rivier richting Belém, met de wereldberoemde Pastéis de Belém. De trammetjes, de Mercado da Ribeira, de musea. En mensen zijn super aardig én spreken Engels. 

Eindeloze sterrenhemel

Portugal is veel meer natuurlijk dan Lissabon. Het is een enorm afwisselend land, met hele lege, glooiende landschappen in de Alentejo, een gebied zo groot als Nederland met maar 500.000 inwoners, heel weinig dus, zodat het er ’s nachts nog écht donker wordt en je waanzinnige sterrenhemelen kunt bewonderen (In het midden ligt een door Unesco uitgeroepen ‘dark Sky reserve’ bij Alqueva). In het zuidwesten vindt je ook de Costa Vicentina, met alleen maar ongerepte baaitjes en piepkleine vissersdorpjes – hier kun je de ‘Rota Vicentina’ lopen, een prachtig langeafstandswandelpad van 350 kilometer, Langs de kust, de ‘Fishersman’s Trail’ en door het binnenland terug over ‘The old Way’.

De Algarve is wat toeristischer maar hier vindt je ook prachtige stranden, zoals die bij Lagos, en bijvoorbeeld pareltjes van stadjes zoals Tavira, en het kuuroord in de bergen Monchique, Silves, met haar Moorse kasteel. Naar het noorden heeft Portugal prachtige natuurparken. Zodra je een uurtje van de kust af rijdt kom je al geen mens meer tegen in Centro ligt het natuurpark de Serra da Estrela, met de hoogste top van Portugal, nét geen 2.000 meter dus heeft men er een kloeke toren bovenopgezet zodat ‘t dat wel werd. Hier kun je eindeloos wandelen, er kan geskied worden in de winter, vind je schaapskuddes, riviertjes en piepkleine gehuchtjes.

 

 

 

 

 

 

 

 

Serra da Estrela en Porto e Norte

In de omgeving, de Beiras en de Serra do Açor vindt je leistenen dorpjes zoals het wonderschone Piódão, Montsanto, Trancoso, Sortelha. Verder naar het noorden vind je de natuurgebieden in Trás-os-Montes: in het uiterste noord-oosten het Parque Natural de Montesinho, een enorm uitgestrekt, ongerept en ruig gebied, gelegen tussen Bragança en de Spaanse grens waar Iberische wolven, otters en wilde zwijnen leven en je steenarenden ziet. Prachtig is het Parque Natural do Douro Internacional. Gelegen in het dal van de Douro-rivier met haar enorme kloven, op de oostgrens tussen Portugal en Spanje. Op de flanken van de rivier groeien Port-druiven en olijven. De Douro is de oudste wijngebied ter wereld. In het parque Natural do Alvão met toppen tot 1.330 meter is een bezienswaardigheid de 300 meter hoge watervallen in de rivier de Olo: Fisgas de Ermelo. Het oudste natuurpark van Portugal is het Parque Nacional da Peneda-Gerês in het Noorden, met in de historische stad Braga. De Pousada in het park is een voormalig jacht-chalet, vanaf het terras heb je een geweldig uitzicht op de rivier beneden en de heuvels rondom.

Eten & drinken

De Portugese keuken is eenvoudig en puur maar kent wel veel verrassende specerijen, zoals kaneel, kruidnagel, koriander en pepertjes. Denk aan kip piri-piri. Dit is het resultaat van de vele ontdekkingsreizen en van invloeden uit de vroegere koloniën van Portugal. – je vindt er uiteraard veel visgerechten en zeevruchten, de beroemde sardientjes, maar ook de bacalhau (gedroogde en gezouten kabeljauw). Er wordt wel gezegd dat er voor elke dag van het jaar een recept met bacalhau is in Portugal. Het is wat minder gemakkelijk om in Portugal (buiten de grote steden) vegetarisch te eten – een vegetarische keuken kent Portugal eigenlijk niet. In veel dorpjes zetten de restaurantjes gewoon een tafeltje op de stoep voor als je buiten wilt eten en ook de sardientjes worden op de stoep gegrild. Je hoeft maar op de geur af te gaan om te weten waar verse vis te eten is!

Delicatesse

Ik heb al veel gekke dingen gegeten maar deze vreemd uitziende wezentjes kende ik nog niet: Percebes – eendenmosselen, heerlijk! Een redelijk duur hapje omdat de vangst niet eenvoudig is. Ze worden nl. niet gekweekt maar door lokale vissers geoogst, een relatief gevaarlijk werk want deze knapperige delicatesse groeit op grote, gladde keien en rotsen die uitsteken in de ruwe, beukende oceaan. Vissers klimmen van scherpe rotsen naar beneden met behulp van een touw om de zeepokken weg te hakken.

Wijnen

Portugal is van oudsher een wijnland. Van noord naar zuid vindt je glooiende wijngaarden. De Vinho Verde de jonge wijn komt uit de Minho streek, helemaal in het noorden. De Alentejo is een streek die erg in opkomst is qua wijnen. Het Douro wijngebied, waar de portwijnen vandaan komen is een van de oudste wijngebieden ter wereld – hier worden al 2000 jaar wijnen geproduceerd. De wijngaarden langs deze ‘gouden rivier’ vormen een prachtig landschap – Unesco wereld erfgoed.

 

 

 

 

 

 

 

De mooiste rondreis

Portugal is 2,5 keer zo groot als Nederland. Om een beetje een indruk te krijgen zou je toch minimaal 3 weken op stap moeten, maar wanneer je ‘maar’ 15 dagen op pad kunt en het is je eerste kennismaking dan zou ik adviseren: Lissabon, met een uitstapje naar Sintra, Coimbra en de Serra da Estrela, Porte en Norte: omgeving Douro, Braga, Guimaraes en Porto zelf, Costa da Prata met Obidos en het werelderfgoed in Alcobaça, Batalha en Tomar.

Wanneer je meer van rust houdt kies dan een verblijf in het Nationaal Park Peneda –Gerês in plaats van in Porto zelf. Wanneer je vroeg in het voorjaar op reis wilt dan is de combinatie Lissabon, Centro en de Alentejo een aanrader. Met het prachtige, middeleeuwse Evora, de vestingstadjes aan de Spaanse grens en de prachtige baaitjes aan de Costa Vicentina.

Lees ook het interview in Meridian Travel Magazine 

Boek de mooiste routes door Portugal