Gieren en andere lelijke vogels

De allergrootste vogel die ik ooit had zien vliegen was een condor, die vloog me op luttele meters voorbij, je gelooft het niet. Ik vertel je nog waar. Daarna zijn de grootste vogels die ik ken de vale gieren. En ik ben sinds we hier in Cadiz wonen gek op die machtige wezens die ik om de haverklap tegenkom. Ik ben nogal kippig maar deze grote vogels zie ik al van ver aankomen als ik de was ophang of een siësta doe op ons dakterras hier in ons bergdorp. Je kan ze bijna aanraken wanneer ze voorbij komen zeilen, soms met tientallen tegelijk. Met open mond sta ik ze dan na te staren. Dat gebeurde me niet toen we nog op ons flatje in Lunetten woonden.  Geluksmomenten! 

Ik wilde er meer van weten. Van de gieren en de gierenmigratie. Afgelopen herfst gingen we dus op pad met Javi Elorriaga van Birding the Strait, lokale gidsen hier uit Tarifa. (De prachtige beelden zijn ook van hen!) Javi is een Bask die hier al jaren lang woont en alles weet van de enorme vogelrijkdom van deze streek. Hij nam ons mee naar een paar observatieplekken in de “Estrecho’, de straat van Gibraltar. Waar Europa en Afrika elkaar bijna aanraken, met maar 12 kilometer tussen de twee continenten. Dit is het gebied waar elk jaar duizenden vogels oversteken naar Afrika en weer terug. Niet alleen de gieren, maar ook tot 36 verschillende soorten roofvogels. Javi vertelt dat dit een van de drukste migratiegebieden van Europa is, waar ze op één dag 20.000 wespendieven, 9.000 zwarte wouwen, 5.000 slangenarenden, 3.500 dwergarenden en 200 aasgieren geteld hadden!

De vale gier

De meest voorkomende gieren soort die je hier vindt is de vale gier. Die kan van kop tot staart tot 1 meter 10 lang worden en heeft een vleugelspanwijdte van 2,5 tot 2,8 meter! Een volwassen gier wordt tot 11 kilo zwaar en daarmee is het een van de grootste vliegende vogels ter wereld. (na de condor en de grote albatros). Ze zijn monogaam en leven in groepen. Ze leggen 1 ei per jaar en het kuiken blijft een half jaar in het nest.

Persoonlijk vind ik het een beetje ongure types, met hun lange, kale nek en dat kleine koppie met die priemende ogen. Die lange, kale nek dient ervoor om diep in een kadaver te kunnen wroeten zonder dat ze blijven haken achter hun veren. Ik vind het dan wel weer sympathiek dat ze alleen maar dieren eten die al dood zijn. Mijn hondje Tommie gelooft dat voor geen meter en wordt altijd verschrikkelijk nerveus wanneer ze laag overvliegen.

 

Gieren migratie, een spektakel!

Gieren migreren vanaf eind september tot december naar Afrika, het gebied ten zuiden van de Sahara – omdat daar meer voedsel is, meer karkassen van dode dieren zijn. Niet alle gieren maken de oversteek. Sommige blijven hier. En ze vertrekken sowieso pas als ze twee jaar zijn. In het najaar verzamelen ze zich in het uiterste puntje van Andalusië, waar de oversteek het smalst is, soms dagen lang wachtend op de juiste thermiek, voordat ze de oversteek naar Afrika maken. Ze komen dagelijks van ver deze kant uit, soms vanaf Ronda of nog verder naar het noorden. Ze kunnen honderden kilometers per dag afleggen met een snelheid tot 70 kilometer per uur. En als dan, rond het middaguur, de aarde genoeg verwarmd is en de lucht stijgt en de wind gunstig is, dan wagen ze de oversteek over het water vanaf Tarifa naar de overkant. Ze zijn te zwaar om op eigen kracht zo ver te kunnen vliegen. Ze hebben de thermiek nodig.

Dit is zo’n enorm indrukwekkend spektakel. Soms kun je dagenlang tot wel 1.000 vale gieren zien die zich verzamelen en hoog boven je heen en weer cirkelen. Kunnen we? kunnen we niet? De meest voorkomende soort is dus de vale gier maar je ziet soms ook de Rüppells gier (Gyps rueppellii), een zeldzame bezoeker uit de westelijke Sahel in Afrika.

In het achterland van de Estrecho, bij Facinas, vindt je veel windmolens. Lelijke krengen. Hier worden vele vogels gedood door de draaiende wieken. Maar, ten tijde van de gieren-migratie zit er boven in een van die molens een mannetje die ziet dat de gieren onderweg zijn en dan de molens een tijdje uitzet. De vogelaars houden elkaar met appjes op de hoogte van de aantallen die oversteken en wanneer ze in Marokko aankomen!

En dan, in de late lente, dan komen ze weer terug! Dus je hebt twee keer per jaar de kans om dit wonderbaarlijke fenomeen mee te maken.

Langs de kust zijn er een aantal locaties waar de gierenkolonies zich nestelen en waar je ze het hele jaar door kunt zien. Zoals bij Bolonia, maar ook in de Alcornocales. Maar ook verder het binnenland in, bij Ronda. We reden daar de prachtige weg van Grazalema naar Zahara de la Sierra en daar zagen we er vele, hoog op de rotsen, opwarmend in de winterzon.

Andere lelijke vogel

Een vogel die me helemaal met stomheid sloeg toen ik die hier voor het eerst zag is de Noordelijke Kale Ibis. Wat een merkwaardig, prehistorisch uitziende vogel! Glanzend pikzwart met hier en daar wat kleur op zijn veren, Kale kop, Lange nek, lange, spitse, gebogen snavel. Beetje nuffige blik. Het lijkt wel een wezen uit de boeken van Tolkien! Intrigerend!

De Noordelijke Kale Ibis is een van de meest zeldzame en meest bedreigde vogelsoorten ter wereld. Oude grottekeningen in La Janda getuigen van de vroegere aanwezigheid van deze bijzondere vogel in de Straat van Gibraltar. Deze vogel was nagenoeg uitgestorven. Er leefden er alleen nog ongeveer 100 in Marokko en in Syrië. Dankzij een succesvol herintroductie broedt en foerageert deze vogel nu vrij in dit gebied en is het aantal inmiddels toegenomen tot meer dan 80 exemplaren, niet meer gezien sinds 500 jaar geleden, een enorm succes dus! Er is er geen betere plaats ter wereld om deze zeldzame vogel te bewonderen en te fotograferen dan hier, vlak buiten Vejer en in de weilanden van het militaire oefenterrein bij Barbate.

 

 

Ook vogels komen kijken?
We brengen je graag in contact met onze lokale gidsen in Spanje en Portugal!

Een paar rondreizen van Ardanza die bij uitstek geschikt zijn om vogels te kijken:
Cadiz en Costa de la Luz
Navarra
Midden Spanje
Alentejo

Oja: Die condor!

Je wilt graag weten waar ik die condor zag? Nou – dat is ongeveer 20 jaar geleden. Ik was met Arco in Chili. In de Torres del Paine. Daar gingen we lopen. Hij een lange en moeilijke tocht om het hele park heen en ik de “W”  – een tocht zigzag door het park. Op de 2e of 3e dag ging ik even pauze houden en op een beschut plekje zitten in de zon. Naast me een diep ravijn. Ik draaide een sjekkie. (ja ja, dat is heel lang geleden!) En ik zat daar zalig te genieten van de zon op mijn gezicht, m’n peukje, de rust. Totdat ik een vreemd geluid opzij van me hoorde, een soort ‘swoesjjj, swoesjjj…’ Ik keek opzij. daar zeilde een condor voorbij! Ik zweer het je. Op nog geen 10 meter van me. Een geluid als van een zeilboot, Wat een krankzinnige grote vogel! Daar ging hij. Mij in opperste staat van geluk en opwinding achterlatend. Tot op de dag van vandaag vertel ik het aan iedereen die het maar horen wil….

©Alle beelden / All pictures: Birding the Strait